Op 27 mei 2009 vond het derde, laatste Pioniers atelier uit de eerste ronde Onderwijs Pioniers plaats. Lees hieronder meer…
De laatste sessie was een bijzondere en een waardige afsluiting van drie toch wel heel leuke bijeenkomsten. Het leek erop alsof de laatste sessie minstens even veel energie bevatte als de eerste. Dit was niet in de laatste plaats te danken aan de bijdrage van trainer Neske Beks die met haar dramaturgie achtergrond de deelnemers hun beste presentatievaardigheden ontlokte maar ook veel emoties losmaakte. Maar voordat Neske de leiding nam was er eerst nog ruimte om de eindpresentaties op 17 juni te bespreken en een onderling vraaggesprek te houden met betrekking tot de voortgang van de projecten.
Veel deelnemers vinden het duidelijk spannend om als ware ‘verkopers’ van hun project op het podium te staan. Kort hun idee pitchen lijkt geen makkelijke opdracht. Toch zijn ze allemaal heel serieus bezig met hoe ze het een en ander moeten gaan aanpakken en ontstaan er along the way allerlei creatieve oplossingen waarin beeld, film en zelfs muziek een rol krijgen. Dat wordt vast een kleurrijk geheel als alle projecten op de 17e achter elkaar gepresenteerd worden.
Na de briefing voor de afsluitingsbijeenkomst was er tijd voor een soort intervisiegesprek over de voortgang van de projecten. In groepjes werd besproken hoe ver iedereen was en hoe het project vorm zou gaan krijgen. Zo verschillend als alle projecten qua karakter zijn, zo verschillend waren de obstakels waar men tegen aanliep. Wat erg leuk was om te zien was dat er echt een uitwisseling van ideeën ontstond. Deelnemers vulden elkaar aan en gaven elkaar mogelijke oplossingen.
Om 16.00 kwam Neske Beks om de presentatietraining te geven en toen werd het pas echt spannend. Neske bleek streng maar rechtvaardig en liet niemand wegkomen met half werk. “Vertel je verhaal maar aan de hele groep, alleen met lichaamstaal, zonder woorden”. Als later toch per ongeluk een woord valt: “opnieuw!”. Het bleek nog niet makkelijk om op een vloeiende overtuigende manier je project aan de groep uit te leggen. Niet in de laatste plaats omdat het scherpe oog van Neske elke blokkade zag en benoemde. Daar werd de presentator in kwestie natuurlijk nog zenuwachtiger van. Maar naast haar scherpe analyses had Neske ook een heel scala aan concrete praktische tips . “Kom altijd van links naar rechts op!”. “Mensen lezen van links naar rechts en als je zo opkomt kom je automatisch meer binnen bij het publiek” lichtte ze daarbij toe. Je moet het maar weten. “Kijk, als je tijdens je presentatie niet op je woorden kan komen, niet vertwijfeld naar boven, maar juist bedenkelijk naar de grond. Dan denken mensen dat je diep aan het nadenken bent en niet gewoon je tekst bent vergeten. Niemand heeft het door en dat geeft jou weer meer rust om verder te gaan.” Na een heel aantal oefeningen waarbij niet geschroomd werd om op bijna therapeutische wijze blokkades aan te pakken, leken de meesten stiekem toch wel een beetje opgelucht dat de training aan zijn eind kwam. Maar, niet zonder te laten weten onder de indruk te zijn van de diepgang van de training van Neske. Er was echt iets losgekomen tijdens de sessie.
Tijdens het napraten werd duidelijk dat veel mensen het jammer vonden dat er een eind aan de sessies was gekomen. Verschillende pioniers lieten weten veel aan de sessies gehad te hebben en ook vooral veel gehad te hebben aan het contact met de andere pioniers. Dat was natuurlijk ook een van de doelstellingen van het traject, dat mensen onderling ervaringen uit zouden wisselen en wat van elkaar zouden leren. Er gingen zelfs stemmen op die pleitten voor een soort georganiseerd vervolg van het contact. Voor ons was het vooral hartverwarmend om iedereen te hebben zien groeien gedurende het proces, individueel en als groep als geheel. Het leek erop alsof de deelnemers steeds meer hun eigen potentie als veranderaars waren gaan zien. Natuurlijk bleken er gedurende het uitvoeren van hun plannen allerlei onvoorziene obstakels te zijn en teleurstellingen, maar zeker ook mogelijkheden. Hopelijk gaat die blik en zelfverzekerdheid nooit meer weg en zullen allen zich vroeg of laat op verschillende manieren inzetten voor de verbetering van hun (werk)omgeving.
Op 22 april 2009 vond het tweede Pioniers atelier plaats, hieronder een verslag.
De dag begon met een opwarmer van coachingbureau Get Naked. De sessie bestond uit twee delen: een ‘inspiratieronde’ waren vragen naar voren kwamen als: ”waarom doe je wat je doet?” en een uitleg over de minor ‘innovatie & creativiteit’ waarin jonge HES-studenten worden uitgedaagd ‘out of the box’ te denken en daar ook daadwerkelijk iets mee te doen. Vooral dit laatste was een mooi voorbeeld voor de docenten aangezien de minor elk jaar met een totale lege ruimte begint en deze gedurende het semester gevuld en vormgegeven wordt. Van niets naar het realiseren van de gekste ideeen!
Vervolgens mochten Pioniers kiezen uit 3 verschillende workshops in 2 rondes. Ze konden kiezen uit een workshop ‘draagvlak creëren’, ‘onderzoek’ en ‘financiering’. De financiering en het onderzoek bleken het meest populair, de meesten hadden hier blijkbaar de meeste vragen over en het idee dat het met het draagvlak redelijk goed zat. Toch waren diegene die de ‘draagvlak’ sessie volgden duidelijk blij verrast met de inzichten van een model die aan het denken zet over mogelijke ‘bondgenoten’ en ‘tegenstanders’ en ze konden deze dan ook direct toepassen op hun omgeving.
Bij de financieringworkshop luisterde men o.a. aandachtig naar subsidiemogelijkheden voor verdere financiering van de initiatieven en financiele planning van een project, er werden druk aantekeningen gemaakt. Verder ontstond er onder meer een discussie in hoeverre het nu de taak van de docent was om financiering te zoeken en of mensen binnen het schoolbestuur hier niet meer over geïnstrueerd zouden moeten worden. Een terechte vraag uiteraard.
De insteek bij het onderzoeksgedeelte was bewust redelijk vrij, dat wil zeggen interactief en vraaggestuurd, omdat er zoveel verschillende soorten projecten zijn die elk een andere manier van onderzoek vereisen. Hier vielen een aantal dingen op: er waren zeker veel concrete onderzoeksvragen, alleen had men soms niet een heel helder beeld over wat nou precies het eindresultaat van het onderzoek zou moeten zijn. Daar werd wat dieper op ingegaan. Verder werd vaak het advies gegeven om niet zomaar een enquête rond te sturen, maar bijvoorbeeld eerst eens meer via interviews aan de slag te gaan. Dit aangezien de onderzoeksvraag vaak om persoonlijke behoeftes van collega’s ging. Tot slot werd ook benadrukt dat het wellicht ook gunstig zou zijn voor het draagvlak om mensen deelgenoot te maken van het onderzoek. Zodat betrokkenen (vooral ook collega’s) ook bewust raken van de doelstellingen van het project, en welke problemen het project zou moeten oplossen.
Al met al leek het erop alsof tijdens de workshops in ieder geval een aardig deel van de vragen van de deelnemers zijn beantwoord. Over het geheel genomen wordt het inmiddels wel voelbaar dat de weerbarstige werkelijkheid aan de deur komt kloppen. Van idee naar praktijk is niet simpel en vergt een denkomslag van alleen docent naar de docent als ware ambitieuze projectmanager die zijn of haar eigen werkomgeving eigenhandig verbeterd. De meeste Pioniers zijn heel goed op weg dit te realiseren!
Het volgende Pioniers atelier vindt plaats op 27 mei van 14.00 tot 18.00. Op 17 juni is de feestelijke presentatie van de projecten bij het SBO in Den Haag.
Het eerste pioniers-atelier op 25 maart 2009 was een succes!
Een kort verslag:
En toen was het zover, het eerste atelier waar alle deelnemers samen kwamen om elkaar te inspireren en handvatten te krijgen voor de uitvoer van hun project. Een grote opkomst en velen al een half uur te vroeg aanwezig. Dit zijn Pionierdocenten; stipt, goed voorbereid en enthousiast.
De middag begon met een voorstelronde waarin de deelnemers zichzelf en hun project voorstelden aan de hand van een voorwerp. Er volgden verrassende analyses over onderwijsorganisaties aan de hand van o.a. hamers en haardrogers. De sfeer onderling was aanmoedigend en leidde tot wederzijdse herkenning en erkenning. Terwijl de ene docent haar motivatie toelichtte zaten de anderen geboeid te luisteren en het opkomen van een twinkeling in de ogen verraadde de gedachte “maar dat is ook een goed idee!”. Dat het zo aanstekelijk en verbroederend zou uitpakken hadden we alleen maar durven hopen. Dit is toch waar we het voor doen, het laten waaien van een wind van inspiratie door het onderwijs. Hoe meer de deelnemers door elkaar geïnspireerd raken hoe beter de uitwerking van Onderwijs Pioniers.
We gingen ook aan de slag met het aanpakken en concretiseren van de uitvoer van de projecten. Hoe kom je van een idee naar project? Hoe maak je een wens werkelijkheid? Deze vragen vormden de insteek van het bespreken en aanhalen van een veranderkundige invalshoek. Namelijk dat het creëren van een nieuwe situatie niet een vast stappenplan is, maar het zoeken van een weg waar je sommige kruispunten van kan zien aankomen maar de beren op de weg je soms overvallen. Er werd gewerkt aan het benoemen en uitstippelen van de route voor de projecten door het tekenen van een eigen routekaart in tweetallen. Zo konden de deelnemers nadenken over belangrijke momenten in het “managen” van hun project. De leraar als vormgever van de onderwijsorganisatie werd wakker en de energie zat aan het plafond. Het aanspreken van de creativiteit en het eigen innovatieve vermogen blijkt heel goed aan te slaan en de meesten ontpopten zich al snel als heuse ondernemers….


